Heupaandoeningen en behandeling
Hebt u last van heuppijn of heupklachten? Een goed begrip van uw heupaandoening helpt bij het maken van de juiste keuzes. Ontdek hier de meest voorkomende heupaandoeningen en welke behandelingen hiervoor geschikt zijn.
Heupaandoeningen
35 aandoeningenWeet u niet welke aandoening bij uw klachten past? Doorloop de symptoomverkenner.
Naar de symptoomverkennerGewricht en kraakbeen
Aandoeningen van het heupgewricht zelf: kraakbeen, botvorm, labrum en doorbloeding.
Artrose van de heup
Artrose is een gewrichtsaandoening die gekenmerkt wordt door kraakbeenverdunning en andere degeneratieve veranderingen in het gewricht. Het betekent letterlijk “kraakbeenverdunning”.
Femoro-acetabulair impingement
Femoro-acetabulair impingement (FAI) is een aandoening van het heupgewricht waarbij de heupkop (het bolvormige uiteinde van het dijbeen) en de heupkom (de komvormige uitsparing in het bekken) niet goed op elkaar aansluiten. Dit kan leiden tot pijn en bewegingsbeperkingen in het gewricht.
Labrumscheur
Een labrumscheur van de heup is een beschadiging van het labrum, het kraakbeen dat zich rond de rand van de heupkom bevindt.
Heupdysplasie
Heupdysplasie (DDH) duidt op “instabiele heup”. Dit betekent dat het kommetje van de heup niet volledig over de bol van het bovenbeen is gegroeid. Dit is een aangeboren afwijking, of ontstaan tijdens de groei.
Avasculaire necrose
Avasculaire necrose (AVN), ook wel osteonecrose genoemd, is een aandoening waarbij een deel van het bot afsterft door een verminderde bloedtoevoer naar dat gebied.
Retroversie van het acetabulum
Een retroversie van het acetabulum betekent dat het kommetje van het heupgewricht ondiep is. Dit geeft instabiliteit van het heupgewricht aan de achterzijde. Dit is een aangeboren afwijking, of ontstaan tijdens de groei.
Afglijding van de heupkop (SCFE)
SCFE staat voor Slipped Capital Femoral Epiphysis (in het Nederlands: “afglijding van de heupkop”). Het is een aandoening waarbij de groeischijf (fyse) van de heupkop verschuift ten opzichte van de rest van het dijbeen. Dit komt meestal voor bij kinderen en tieners, vooral tijdens de groeispurt.
Legg-Calvé-Perthes (LCP)
Legg-Calvé-Perthes (LCP) is een aandoening die zich voordoet wanneer de bloedtoevoer naar de heupkop tijdelijk wordt belemmerd, wat resulteert in osteonecrose (botafsterving) van de heupkop. Dit kan leiden tot schade aan het botweefsel, verlies van botstructuur, en uiteindelijk verlies van het heupgewricht.
Synoviale chondromatose
Synoviale chondromatose is een zeldzame aandoening waarbij er kraakbeenknobbeltjes (chondromen) zich vormen in het synovium, het slijmvlies dat het gewricht bekleedt. Deze knobbeltjes kunnen losraken van het synovium en rondzweven in het gewricht, wat kan leiden tot verschillende symptomen en complicaties.
Pezen en spieren
Overbelasting, tendinopathie, peesscheuren en slijmbeursontsteking rond de heup.
Gluteale tendinopathie
Gluteale tendinopathie is een aandoening waarbij de pezen van de bilspieren (gluteus spieren) overbelast raken. Dit leidt vaak tot pijn aan de buitenzijde van de heup, een klacht die het dagelijks functioneren flink kan beïnvloeden.
Slijmbeursontsteking van de heup
Een slijmbeursontsteking (bursitis trochanterica) is een ontsteking van de slijmbeurs aan de buitenzijde van de heup. Ze veroorzaakt pijn aan de zijkant van de heup, vaak erger bij liggen op die zijde, traplopen of lang stappen. De klacht is zelden op zichzelf staand: meestal ligt een onderliggend probleem aan de basis.
Iliopsoas tendinopathie
Iliopsoas tendinopathie is een overbelasting van een van de pezen aan de voorzijde van de heup (de psoas, ook wel plooipees genoemd). Deze pees hecht aan de lage rug, het bekken en de voorzijde van het bovenbeen, en loopt door de lies, wat vaak resulteert in liespijn.
Adductoren tendinopathie
Adductoren tendinopathie is een blessure waarbij de pezen aan de binnenkant van het bovenbeen (adductoren) overbelast raken. Deze pezen verbinden de adductoren met het schaambeen en de binnenzijde van de knie.
Hamstring tendinopathie
Hamstring tendinopathie ontstaat door overbelasting van de pezen aan de achterzijde van het bovenbeen. Deze pezen verbinden de hamstrings met de zitknobbel en de achterzijde van de knie. Ze hebben een belangrijke taak: ze zorgen voor stabiliteit in het bekken en de knie, strekken de heup en buigen de knie. .
Gluteale ruptuur
Een gluteale ruptuur is een aandoening waarbij er een scheur zit in de pezen van de bilspieren (gluteus spieren). Dit kan pijn veroorzaken aan de buitenkant van de heup en maakt het moeilijk om te lopen, zitten of op de heup te liggen.
Hamstring ruptuur
Een hamstring ruptuur of een hamstring scheur is een blessure waarbij de pezen aan de achterzijde van het bovenbeen (hamstrings) gedeeltelijk of volledig scheuren. Deze pezen verbinden de hamstrings met de zitknobbel en de achterzijde van de knie.
Rectus femoris tendinopathie
Een rectus femoris tendinopathie is een aandoening waarbij één van de pezen aan de voorzijde van de heup (rectus femoris) overbelast is. Deze pees hecht aan ter hoogte de voorzijde van de bekkenkam en de knie. Dit kan pijn geven aan de voorzijde van het bovenbeen, alsook in de lies.
TFL tendinopathie
Een tensor fascia lata (TFL) tendinopathie is een overbelasting van de spier en pees aan de voor-/zijkant van de heup. De pees van de TFL hecht zich aan de voorzijde van de bekkenkam en strekt zich uit tot aan de buitenkant van de knie.
Rectus femoris ruptuur
Een rectus femoris ruptuur of scheur is een aandoening waarbij één van de pezen aan de voorzijde van de heup (rectus femoris) gescheurd is. Deze pees hecht aan ter hoogte de voorzijde van de bekkenkam en de knie. Dit kan pijn geven aan de voorzijde van het bovenbeen, alsook in de lies.
PLAC laesie of letsel
Een PLAC laesie of letsel (Pyramidalis, Ligamentum anterior pubis, Adductor longus Complex letstel) is een scheur in de adductoren (= spieren aan de binnenkant van het bovenbeen), die ook kan doortrekken naar de buikspieren. Deze scheur kan geleidelijk aan of plots (traumatisch) ontstaan.
Zenuw en diep gluteaal
Klachten door beknelling of irritatie van zenuwen achter en onder de heup.
Diep gluteaal syndroom (DGS)
Diep gluteaal syndroom (DGS) is een aandoening waarbij pijn optreedt in de bilregio, meestal als gevolg van compressie van de zenuw (nervus ischiadicus) in de dieper gelegen structuren van de bil. Dit kan leiden tot pijn in de bilregio die soms uitstraalt naar het been.
Ischiofemoraal impingement
Ischiofemoraal impingement is een aandoening waarbij het zitknobbelgebied (tuberositas ischiadica) en het kleine verdikte deel van de dijbeenhals (trochanter minor) tegen elkaar knellen. Dit kan pijn veroorzaken diep in de bil of aan de achterzijde van de heup, soms met uitstraling naar het been.
Na een heupprothese
Problemen die kunnen optreden na een totale heupprothese of resurfacing.
Loslating van een heupprothese
Bij een loslating verliest de prothese na verloop van tijd de vaste verbinding met het bot. De heup wordt dan opnieuw pijnlijk, meestal jaren na een goed werkende prothese.
Instabiliteit en luxatie van een heupprothese
Bij instabiliteit glijdt de kop van de prothese gedeeltelijk of volledig uit de kom. Dat geeft een onzeker gevoel en soms een echte ontwrichting (luxatie).
Plooipees-impingement na een heupprothese
De plooipees (iliopsoas) kan na een heupprothese over de rand van de kom wrijven. Dat geeft typisch liespijn bij opstaan, traplopen en het optillen van het been.
Infectie van een heupprothese
Een periprothetische infectie is een infectie van het weefsel rond een heupprothese. Ze kan kort na de operatie optreden, maar ook jaren later via bacteriën uit een andere infectiehaard.
Extra-articulair impingement
Bij extra-articulair impingement botsen structuren buiten het heupgewricht zelf tegen elkaar, bijvoorbeeld bot tegen bot of pees tegen implantaat. Dat geeft pijn in bepaalde standen.
Kapseldehiscentie
Een kapseldehiscentie van de heup betekent dat er een scheur of opening ontstaat in het kapsel van het heupgewricht. Het kapsel is een stevige bindweefsellaag die het heupgewricht omhult en stabiliteit geeft.
Lage rug en bekken
Klachten vanuit de lage rug, het SI-gewricht of het schaambeen die op heuppijn lijken.
Lumbale radiculopathie
Bij lumbale radiculopathie raakt een zenuwwortel in de lage rug geprikkeld of bedrukt. Dat geeft uitstralende pijn in het been, vaak tot onder de knie, soms met tintelingen, gevoelloosheid of krachtverlies.
Lumbaal facetlijden
Facetlijden is slijtage of irritatie van de kleine gewrichtjes achteraan in de lage rug. Het geeft lage rugpijn die kan uitstralen naar de bil en de heup, en die typisch verergert bij achteroverbuigen en lang rechtstaan.
SI-gewrichtslijden (SIG-lijden)
Het sacro-iliacaal gewricht verbindt het heiligbeen met het bekken. Overbelasting of blokkade van dit gewricht geeft pijn net naast de onderrug, over de bil, en soms uitstraling naar de lies of het bovenbeen.
Lumbale kanaalstenose
Bij een lumbale kanaalstenose is het wervelkanaal in de lage rug vernauwd. Typisch is pijn en zwaarte in de benen bij stappen, die verdwijnt bij vooroverbuigen of zitten.
Pubis gerelateerde liespijn
Het ‘os pubis’ is het schaambeen. Pubis gerelateerde liespijn betekent dat men liespijn ervaart vanuit het schaambeen.
Sacro-iliitis
Sacro-iliitis is een ontsteking van het sacro-iliacaal gewricht. Anders dan bij mechanische overbelasting gaat het hier om een echte ontsteking, met nachtelijke pijn en uitgesproken ochtendstijfheid.
Coccygodynie (staartbeenpijn)
Coccygodynie is pijn ter hoogte van het staartbeen. De pijn treedt vooral op bij zitten, bij het rechtkomen uit een stoel en bij het achteroverleunen.